Adviespapier m.b.t. prioritering COVID-19 vaccinatie

Wanneer vaccins worden toegelaten, zullen deze nog niet op zo’n grote schaal geproduceerd kunnen worden dat de hele bevolking meteen gevaccineerd kan worden. Momenteel gaat men ervan uit dat twee vaccindoses per persoon nodig zijn, waardoor er zeker in de eerste maanden een tekort aan vaccindoses zal zijn. Daarom hebben de Duitse academie der wetenschappen Leopoldina, de Ständige Impfkommission van het RKI (Stiko) en de Duitse ethiekraad een gemeenschappelijk statement t.a.v. een toekomstige vaccinatiestrategie voorgelegd.

Sinds januari wordt er wereldwijd aan inmiddels meer dan 200 kandidaat-vaccins gewerkt, die voor een deel op nieuwe technologieën gebaseerd zijn. De eerste toelatingsaanvragen zijn inmiddels o.a. bij de European Medicines Agency ingediend. Het Duitse Biontech maakte deze week bekend dat het vaccin waar zij samen met Pfizer aan werkt een effectiviteit van 90% blijkt te hebben. Desondanks zijn er nog veel zaken rondom SARS-CoV-2 en Covid-19 onduidelijk, bijvoorbeeld hoelang een patiënt na genezing van Covid-19 immuun blijft en of er een verschil bestaat in de mate van immuniteit na een infectie en na een vaccinatie. Ook is er nog onduidelijkheid over de rol van bijvoorbeeld kinderen in het verspreiden van SARS-CoV-2, en of een vaccin alleen het krijgen van Covid-19 verhindert of ook vermijdt dat een persoon het virus kan overdragen. Daarnaast moet duidelijk worden of leeftijd of vooraandoeningen invloed hebben op de effectiviteit van het vaccin. Deze vragen zullen nog niet allemaal beantwoord zijn op het moment dat de eerste vaccins op de markt worden toegelaten.

Leopoldina, de Ethiktrat en de Stiko hebben voor hun advies niet alleen de genoemde medisch-epidemiologische, maar ook ethische, juridische en praktische overwegingen als leidraad genomen en daarbij de volgende concrete vaccinatiedoelstellingen gedefinieerd:

  • Voorkomen van ernstige COVID-19-verlopen (ziekenhuisopname) en sterfgevallen,
  • Bescherming van personen die vanwege hun beroep een bijzonder hoog risico hebben op blootstelling aan SARS-CoV-2,
  • Het voorkomen van besmettingen en verbeteren van bescherming in omgevingen met een hoog percentage kwetsbare personen en in omgevingen met een hoog uitbraakpotentieel, en
  • Handhaving van het openbare leven.

Op basis hiervan hebben zij drie categorieën bevolkingsgroepen gedefinieerd, die voorrang zouden moeten krijgen op een toekomstig vaccin:

  • Hoogrisicopatiënten (Personen met een aanzienlijk verhoogd risico op een ernstig of dodelijk ziekteverlopen als gevolg van hun leeftijd of een reeds bestaande aandoening, met name in het geval van een verhoogde contactdichtheid (bijvoorbeeld in verzorgingstehuizen en andere instellingen voor langdurige zorg))
  • Personen die door werkgerelateerde contacten een aanzienlijk verhoogd risico op infectie en mogelijk ook op een ernstig of dodelijk ziekteverloop hebben, of die als multiplicator het virus naar de instellingen en naar andere gebieden in de samenleving kunnen brengen, zoals medewerkers van zorg- en verpleeginstellingen,
  • Mensen in systeemrelevante beroepen, bijv. medwerkers van gezondheidsautoriteiten, politie- en veiligheidsdiensten, brandweerkorpsen en leerkrachten, vooral als zij direct, risicoverhogend contact hebben met patiënten, leden van risicogroepen of potentieel geïnfecteerde personen.

Zodra er meer resultaten van klinische proeven met de kandidaat-vaccins beschikbaar zijn zal de vaccinatiecommissie gedetailleerde en concrete vaccinatie-aanbevelingen ontwikkelen, publiceren en bij voortschrijdend inzicht voortdurend bijwerken.

Een tweede punt waar het statement op ingaat is de vaccinatiebereidheid onder de bevolking. Uitgangspunt is en blijft hierbij dat er geen algemene vaccinatieplicht komt. Een dergelijke plicht is hooguit denkbaar voor een “nauwkeurig omschreven groep personen”, zo staat in het statement. Dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op werknemers die “als potentiële multiplicatoren permanent in contact staan met leden van een risicogroep”. Momenteel geven 50-60% van de Duitsers aan bereid te zijn zich tegen Covid-19 te laten vaccineren, maar om groepsimmuniteit te bereiken moet dit percentage bij circa 70% liggen. Daarom is het volgens de experts van groot belang dat er tijdig open en helder over het vaccin wordt gecommuniceerd en dat er op eventuele zorgen binnen de bevolking gereageerd moet worden.

De federale minister van Volksgezondheid Jens Spahn (CDU) verwelkomde het statement en ziet het als de basis van een maatschappelijk debat dat in de komende tijd  moet worden voortgezet.

Het antwoord op de vraag wie het eerst gevaccineerd mag worden lijkt op het eerste gezicht eenvoudig te beantwoorden, maar zodra dit leidt tot het daadwerkelijk moeten maken van een keuze, is een discussie en een open en begrijpelijke herkomst van de richtlijnen onontbeerlijk, redeneert Spahn. Hij benadrukte dat de praktische beslissing over wie wel en wie niet wordt gevaccineerd, uiteindelijk door de bevoegde lokale overheid moet worden genomen. Afgelopen vrijdag heeft Spahn al overleg gepleegd met de ministers van Volksgezondheid van de deelstaten over de uitvoering van een vaccinatiecampagne. Volgens de huidige versie van de nationale vaccinatiestrategie zijn er in totaal 60 vaccinatiecentra gepland. Daarnaast komen er mobiele vaccinatieteams die bijvoorbeeld de bewoners van verpleeg- en bejaardentehuizen kunnen vaccineren. De organisatie van de vaccinatiecentra en -teams valt onder de verantwoordelijkheid van de deelstaten. De kosten zijn ook voor hun rekening en voor de ziekenfondsen dan wel de particuliere ziektekostenverzekeringen. Voor de bevolking zal het vaccin gratis zijn.

Het adviespapier is hier te lezen: https://www.leopoldina.org/uploads/tx_leopublication/2020_Positionspapier_COVID-19-Impfstoff_final.pdf