Duits Gezondheidsministerie werkt aan een volgende digitaliseringswet

Met een derde digitaliseringswet wil het Bondsministerie van Volksgezondheid (BMG) de telegeneeskunde uitbreiden, het gezondsheidsgegevensnetwerk updaten en naast gezondheidsapps ook zorgapps op recept introduceren.

In de Duitse media verschenen deze week details uit de nota met daarin de belangrijkste punten uit een nieuw wetsontwerp ten behoeve van verdere digitalisering van de zorg.

Het Ministerie plant onder andere een verdere uitbouw van digitale gezondheidsapplicaties (DiGa’s), ook wel ‘apps op recept’. Gegevens uit gezondheidapps zouden direct in het elektronische patiëntendossier moeten kunnen worden overgedragen, met als doel de apps beter in het gehele zorgproces van een patiënt te integreren.

Bijkomend zouden ook zorgapps deel kunnen gaan uitmaken van het zorgsysteem. Denkbare toepassingen van zorgapps zijn bijvoorbeeld valpreventie, continentiemanagement of applicaties die het welbevinden van de patiënt monitoren en documenteren.

Net als bij de reeds bestaande gezondheidapps zou het Federaal Instituut voor Medicatie en Medische Hulpmiddelen (BfArM) ingediende apps op hun medische meerwaarde toetsen. Bij een positieve toetsing kan deze app worden voorgeschreven en vergoed.

Om deze extra taken te kunnen uitvoeren, moet het BfArM volgens de nota worden versterkt, mogelijk met meer personeel. De DiGA-database bevat momenteel slechts twee apps. Er bevinden zich nog 21 apps in het toetsingsproces en het BfArM’s Innovatiebureau heeft reeds voor nog eens 75 toepassingen overleg gevoerd met ontwikkelaars. Het toetsingsproces zal bovendien flexibeler worden: apps die bij de ‘fast track’-opname in het DiGa-register nog geen bewijs van hun werking kunnen voorleggen, mogen dit tijdens een proeftijd van 12 maanden alsnog inhalen.

Het Ministerie overweegt ook in te grijpen in de onderhandelingen tussen de ziektekostenverzekeraars en producenten. App-ontwikkelaars geven er de voorkeur aan geen maximumprijzen vast te leggen, en hebben voorstellen van de ziektekostenverzekeraars over prijsplafonds tot nu toe verworpen. In de nota wordt bepaald dat de partijen binnen een bepaalde termijn maximumbedragen moeten overeenkomen.

Digitalisering van de zorg vraagt om verdere aanscherping van gegevensbescherming en informatieveiligheid: zo wordt de wettelijke geheimhoudingsplicht van artsen en andere dienstverleners ook voor digitale middelen van toepassing. Bovendien zullen de DiGAs in de toekomst worden gecertificeerd door het Federaal Bureau voor IT-Beveiliging (BSI). Ook moeten alle wijzigingen in apps worden gedocumenteerd en dus traceerbaar worden.

Naast de verhoogde inzet van apps zijn er ook plannen om de telegeneeskunde, waaronder videoconsults, uit te breiden. Waar momenteel een arbeidsongeschiktheidsmelding alleen digitaal kan worden verstuurd als de patiënt minstens een keer in de praktijk is verschenen, zou dit voortaan ook na een volledig digitaal consult mogelijk moeten worden. Daarnaast moeten de wettelijke en technische randvoorwaarden voor video-spreekuren ook voor andere zorgprofessionals, zoals therapeuten en verloskundigen, worden gecreëerd.

Het elektronisch patiëntendossier – dat vanaf volgend jaar voor iedereen beschikbaar is – moet grensoverschrijdend worden: Jens Spahn heeft tijdens het EU-Raadsvoorzitterschap verschillende keren aangegeven hoe belangrijk samenwerking op het gebied van het Europese gezondheidsbeleid voor hem is. Zo wil Spahn nu de telematica-infrastructuur (TI) openstellen voor de lidstaten van de Europese Unie, zodat grensoverschrijdende zorg mogelijk wordt.

Tot slot wil de minister met de wet ook de herstructurering van het overheidsnetwerk voor gezondheidsgegevens aanpakken. Dit netwerk is bedoeld om alle betrokkenen in het gezondheidsstelsel met elkaar te verbinden om veilig te kunnen communiceren en gestandaardiseerde gegevens uit te wisselen. Nadat verenigingen van artsen en zorgverzekeraars dit twintig jaar lang zonder succes hebben proberen op te zetten, heeft Spahn in 2019 de verantwoordelijkheid wettelijk aan zichzelf overgedragen. Het oorspronkelijke systeem is echter verouderd, de nota voorziet daarom in een modernisering.

Een concreet wetsontwerp op basis van de voorgestelde kernpunten zal naar verwachting in het najaar klaar zijn.