Regeerakkoord in Duitsland: uitkomsten voor de thema’s kennis-onderzoek-innovatie, digitalisering en educatie

Op 7 februari jl. hebben CDU/CSU en SPD een coalitieakkoord gesloten. De definitieve versie wordt nu eerst voorgelegd aan de SPD-leden. De uitslag van de SPD-interne stemming over het stuk is dan ook nog geen gelopen race. Hieronder staan puntsgewijs de belangrijkste uitkomsten voor de thema’s kennis-onderzoek-innovatie, digitalisering en educatie.

Kennis, Onderzoek en Innovatie

  • Nut en noodzaak van investeringen in kennis en innovatie worden in Duitsland door alle ‘regierungsfähige’ partijen onderschreven. Ook in dit coalitieakkoord blijkt dit weer: alles duidt op evolutie in plaats van revolutie.
  • Waar Duitsland (met 2,97%) inmiddels vrijwel voldoet aan de Lissabon-ambitie om 3% van het BBP te investeren in onderzoek & ontwikkeling, hebben CDU/CSU en SPD nu de ambitie om gezamenlijk met de Länder en het bedrijfsleven in 2025 uit te komen op minstens 3,5%. Deze ambitie wil men onder andere bereiken door het huidige federale beleid (dat bekend staat onder de noemer ‘Neue High-Tech Strategie’) verder te ontwikkelen. Een aspect hiervan is dat men de grote maatschappelijke uitdagingen als uitgangspunt wil nemen voor het toekomstige stimuleringsbeleid.
  • De Duitse Bund wil eveneens het al sinds 2005 bestaande Pakt für Forschung und Innovation verder voeren. Onder deze naam stijgt de federale financiering van de grote publiek gefinancierde buitenuniversitaire onderzoeksinstituten (Fraunhofer, Helmholtz, Max Planck en Leibniz instituten) tot 2020 met 3% op jaarbasis. De partijen hebben zich gecommitteerd om deze investeringen ten minste door te trekken tot het jaar 2025.
  • De partijen voorzien onder de noemer ‘Wandel in der Region durch Innovation’ eveneens in het doorzetten van de gerichte investeringsprogramma’s t.b.v. economisch achtergebleven gebieden, met name de Oost-Duitse deelstaten.
  • Bestaande programma’s als het Zentrale Innovationsprogramm Mittelstand (ZIM), Industrielle Gemeinschaftsforderung (IGF) en de FuE-Förderung externer Industrieforschungseinrichtingen (a.k.a. INNO-KOM) worden gecontinueerd en qua opzet transparanter.
  • De partijen zijn het daarnaast – niet onverwacht – eens geworden om naast het bestaande innovatie-instrumentarium een fiscaal stimuleringsinstrument a la WBSO te introduceren. Dit instrument gericht op het verlagen van de personele kosten en projectkosten van innovatie bij het midden-en kleinbedrijf.
  • Ook wordt een betere kennisoverdracht naar de industrie expliciet als ambitie genoemd. Daartoe wordt een ‘transfer-initiatief’ gestart, die de industrie moet ondersteunen bij het vertalen van wetenschappelijke kennis naar producten en diensten.
  • Internationale samenwerking wordt op meerdere plekken benoemd. Europees: KP9 minstens zelfde omvang als huidig H2020 programma. Ook bilateraal, o.a. versterken Alexander von Humboldt en DAAD en sterke focus op Frankrijk en (opvallend!) Polen op gebied van ICT.
  • EU: excellentie en subsidiariteit als grondbeginselen voor nieuwe EU innovatiebeleid. MFK ook sterker richten op onderwijs, onderzoek en innovatie. Beter integreren EU13 (Midden- en Oost Europese landen) in de EU onderzoeksruimte. FP9 houdt wat DLD betreft minstens zelfde omvang als FP8.
  • Hoewel ‘Technologieoffenheit’ een uitgangspunt in het beleid is, worden er toch enkele sleuteltechnologieën expliciet uitgelicht die voortkomen uit reeds bestaande onderzoeks- en stimuleringsprogramma’s van BMBF en BMWi. Op zich zijn deze thema’s en programma’s dus niet nieuw. Wel zitten hier voldoende haakjes in voor bilaterale en/of Europese samenwerking met Duitsland:
    • micro-elektronica ;
    • ICT-technologieën: Artificiële Intelligentie, Cybersecurity, Big Data en Blockchain;
    • Robotica;
    • Quantumtechnologie;
    • Hochtemperatur-Plasmaforschung (lees: kernfusie)
    • LSH komt sterk terug (m.n. e-health), kankeronderzoek en (opvallend!) biomimetica;
    • Mobiliteit is een belangrijk innovatiethema. E-mobility blijft belangrijk voor Duitsland-autoland en onderzoek naar energie-opslag/batterijen met bijbehorende fabriek. Daartoe ondersteunt DLD het EU-IPCEI programma dat hiertoe moet leiden. Evenmin verrassend wordt een toegepast onderzoeksprogramma gestart t.b.v. synthetische brandstoffen.
    • Leichtbau, t.b.v. energie-efficiëntie en verminderd beslag op grondstoffen;
    • Versterken Duitse positie op gebied van Lucht- en Ruimtevaart. Daarbij positie ESA versterken en aansluiting MKB op deze sector versterken;
    • Ook in de scheepsbouw wordt expliciet benoemd als ‘sleuteltechnologie’, er wordt geïnvesteerd in alternatieve aandrijfsystemen op basis van LNG, elektriciteit en waterstof;
    • De ‘Veiligheids- en verdedigingsindustrie’ is tot slot ook als ‘sleuteltechnologie’ benoemd. Mede ingegeven door noodzaak hier als EU sterkere positie in te nemen en de grote hoeveelheid defensiesystemen te stroomlijnen. Initiatieven zijn dan ook primair op EU-niveau en binnen de NAVO.
  • Versterken Duitse concurrentiekracht door het bestaande initiatief Plattform Industry 4.0 te versterken. Daarbij staan de Industrial Data Space en cybersecurity centraal. Thema’s die ook op de agenda staan voor de internationale strategie voor Smart Industry.
  • De partijen willen het startup-klimaat in Duitsland verbeteren, enerzijds door bureaucratische belemmeringen weg te nemen en anderzijds de randvoorwaarden voor risicokapitaal verbeteren.
  • De partijen willen een actief beleid voeren t.a.v. de gebrekkige aansluiting van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt (‘Fachkräftemangel’): Net als in Nederland is dit ook in Duitsland een grote uitdaging. SPD en CDU/CSU willen een aanpak die is gebaseerd op twee zuilen: enerzijds binnenlands (activeren van niet-actieven t.b.v. de arbeidsmarkt, beter op de arbeidsmarkt toegesneden opleidingen, life long learning, stimuleren dat mensen langer doorwerken), anderzijds heeft men ook duidelijk de internationale dimensie op het netvlies. Daartoe wil men meer ruimte creëren om buitenlandse medewerkers naar Duitsland te halen, van binnen maar ook van buiten de EU. Hierbij maken de partijen een stap door een duidelijk onderscheid aan te brengen tussen enerzijds asielpolitiek en anderzijds economische immigratiepolitiek.
  • De coalitie wil technologische innovaties in de bouw ondersteunen ten behoeve van het behalen van de klimaatsdoelstellingen in de gebouwde omgeving. Daarbij wordt een onderzoeksprogramma ‘Future Building’ gestart t.b.v. de ontwikkeling van seriële en modulaire constructies.

Digitalisering

  • In het coalitieakkoord wordt erg veel aandacht besteed aan digitalisering. De urgentie wordt zeer gevoeld om opgelopen achterstanden in te lopen. De focus ligt hierbij vooral op onderwerpen als een dekkende digitale infrastructuur en het sterk achterblijvende e-government.
  • Verdere uitbouw digitale infrastructuur, ambitie om per 2025 een landelijk dekkend gigabit-netwerk gereed te hebben, op basis van glasvezel.
  • Stimulering van R&D voor 5G via een 5x5G strategie .
  • Oprichting van een Digitalagentur wordt onderzocht.
  • Digitale vaardigheden van de bevolking moeten worden versterken, onder andere via een Digitalpakket #D van 5 mld. Voor investeringen in scholen. Ook investeren in leraren.
  • Er komt een Open Educational Resources Strategie met als doel het digitaal beschikbaar maken van materiaal en lessen. Ook ‘nano degrees’ voor digitale vaardigheden.
  • Interessant strategisch thema is ‘Zukunft der Arbeit’, m.a.w. de impact van digitalisering en robotisering op het arbeidsproces.
  • Er komt een Nationales Pakt Cybersicherheit met alle maatschappelijke partijen, mede om bestaande initiatieven te bundelen. Daarbij horen ook de ontwikkeling en toepassing van veiligheidsstandaarden voor communicatie van burgers met de overheid en voor e-commerce.
  • De leidende rol van het Bundesamt für Sicherheit in die Informationstechnik (BSI) op gebied van cybersecurity wordt versterkt. Ze gaan ook actief informatie en voorlichting geven aan overheden, bedrijven en burgers.
  • In brede zin: er komt veel meer aandacht voor de digitale overheid. Specifiek o.a. oprichting van een digitaal portaal voor e-government, de oprichting van een e-government agentschap waarin ook bestaande initiatieven worden ondergebracht. Invoering ‘digitaal paspoort’ als universeel authenticatiemiddel.
  • Er is aandacht voor Data als bron van innovaties (zie ook ESB artikel SG EZ): de partijen willen publieke data zoveel mogelijk open aanbieden zodat op basis hiervan nieuwe producten en diensten ontwikkeld kunnen worden. Daarbij privacy-aspecten niet uit het oog verliezen.
  • Persoonlijke data moet makkelijk te verplaatsen zijn van het ene digitale platform naar het andere. Lees: concurrentie stimuleren tussen de grote (sociale) netwerkplatformen.
  • Er wordt een nieuw digitaal mobiliteitsplatform opgezet, op basis waarvan bestaande initiatieven met elkaar worden verbonden. Hiervoor moeten open communicatie-standaarden worden ontwikkeld.
  • Op Europees niveau streven naar vrij verkeer van data als uitgangspunt.
  • DLD houdt vast aan de bestaande verankering van netneutraliteit en open toegang in wetgeving en beziet elke poging kritisch om deze te begrenzen.

Educatie:

  • Het akkoord voorziet in een verregaande versoepeling van het ‘Kooperationsverbot’, d.w.z. dat op grond van een in 2006 (door de toenmalige GroKo!) aangenomen grondwetsartikel de federale regering zich niet kan mengen in het schoolbeleid van de deelstaten. De geplande versoepeling van het Kooperationsverbot houdt in dat de federale regering meer en makkelijker steun kan verlenen aan de deelstaten op het gebied van educatie.
  • Een bestaande uitzondering op het Kooperationsverbot – het ‘Hochschulpakt 2020’ wordt versterkt voortgezet, met als doel in voldoende studieplaatsen te voorzien die goed zijn toegerust op de arbeidsmarkt.
  • De versoepeling van het Kooperationsverbot moet concreet vorm krijgen in een nieuwe “Nationale Onderwijsraad”, waarin experts en beleidsmakers van de federale en deelstaatregeringen samen bovenstaande ambities moeten gaan vormgeven en uitvoeren. Het model is vergelijkbaar met de Wetenschapsraad, een adviesorgaan voor het onderzoeksbeleid.
  • De SPD en de CDU/CSU willen vooral extra middelen uitgeven aan thema’s als dagopvang (ook op scholen, teneinde te stimuleren dat meer vrouwen in het arbeidsproces participeren), digitalisering, beroepsonderwijs/duaal leren en de beschikbaarheid van studiefinanciering (BAFÖG). Er is daarbij o.a. voorzien in de oprichting van een ‘Berufsbildungspakt’ en de ambitie is geformuleerd om duaal leren te versterken.

Bart Sattler, 08 februari 2018

Comments Off on Regeerakkoord in Duitsland: uitkomsten voor de thema’s kennis-onderzoek-innovatie, digitalisering en educatie

Filed under Digitisation, Duitsland, Economy, Innovatie algemeen

Comments are closed.